Vul deze velden in en aanvaard de voorwaarden en privacybeleid

251221 Het zwakke teken van Jesaja

4de zondag van de advent - Het zwakke teken van Jesaja

Jan Degraeuwe

Welkom

Lied 205: O sleutel van David

Inleiding

In het tafelgebed voor de Advent zullen we straks horen: “Van U is de aarde in heel haar pracht” en “Van U zijn de volkeren op de aarde”. Wij leven op de aarde met zijn bergen en zeeën. De mensen hebben de aarde opgedeeld in dorpen, steden, landen en machtsblokken. In zijn boekje De wereld en de aarde. Hoe houden we het veilig? vertelt David Van Reybrouck over de plastic wereldbol die hij als jongen kreeg. In de bol zat een lampje. Als het niet brandde zag je de blauwe zeeën, de groene vlakten, de gele woestijnen en de donkerbruine bergen, dat is de aarde. Als het lampje brandde sprongen grenzen en namen van landen en steden tevoorschijn, dat is de wereld. Er is altijd interactie geweest tussen aarde en wereld. Al te vaak werd en wordt de aarde gezien als het decor van de mensenwereld. We zijn gaan beseffen dat de aarde meespeelt in de mensenwereld. Paus Franciscus schreef in Laudato Si’: “Maar tegenwoordig kunnen wij er niet onderuit te erkennen dat een ware ecologische benadering altijd een maatschappelijke benadering wordt, die de gerechtigheid moet integreren in de discussies over het milieu, om zowel naar de kreet van de aarde als naar de kreet van de armen te luisteren.” We zoeken mensen die ons helpen om de weg naar gerechtigheid te vinden en te bewandelen. Met Kerstmis verwachten wij een koning die ons deze weg zal wijzen, Hij heeft een menselijk gezicht. Daarover willen we straks verder nadenken.

Lied 212: Midden onder u staat Hij die gij niet kent

Gebed

We zullen samen psalm 24 bidden. Het eerste deel van de psalm bezingt naast ‘de aarde en alles wat daar leeft’, ook de mens ‘die reine handen heeft en een zuiver hart, die zich niet inlaat met leugens’. Het tweede deel van de psalm verwelkomt ‘de koning vol majesteit’. Misschien zullen we even aarzelen als die koning ‘heldhaftig in de strijd’ genoemd wordt.

Psalm 24

Van de HEER is de aarde en alles wat daar leeft,
de wereld en wie haar bewonen,
Hij heeft haar op de zeeën gegrondvest,
op de stromen heeft Hij haar verankerd.

Wie mag de berg van de HEER bestijgen,
wie mag staan op zijn heilige plaats?
Wie reine handen heeft en een zuiver hart,
zich niet inlaat met leugens
en niet bedrieglijk zweert.

Zegen zal hij ontvangen van de HEER
en recht verkrijgen van God, zijn redder.
Dat valt hun ten deel die U zoeken,
die zich tot U wenden – het volk van Jakob.

Hef, o poorten, uw hoofden omhoog,
verhef u, aloude ingangen:
de koning vol majesteit wil binnengaan.
Wie is die koning vol majesteit?
De HEER, machtig en heldhaftig,
De HEER, heldhaftig in de strijd.

Hef, o poorten, uw hoofden omhoog,
verhef ze, aloude ingangen:
de koning vol majesteit wil binnengaan.
Wie is Hij, die koning vol majesteit?
De HEER van de hemelse machten,
Hij is de koning vol majesteit.

Inleiding op Jesaja 7,10-14

In de achtste eeuw voor Christus was Assyrië een machtig rijk. Het had zich vanuit het tweestromenland tussen Tigris en Eufraat steeds verder uitgebreid en bedreigde de koninkrijken langs de Middellandse Zee. Kleine landen smeedden coalities om zich te verdedigen. We herkennen deze situatie, ze is van alle tijden. In Jeruzalem heerste koning Achaz over Juda. Hij had afgodendienst toegelaten en gestimuleerd. Hierdoor leefde hij op gespannen voet met de profeet Jesaja. Onder oorlogsdruk zocht Achaz toenadering tot de koning van Assyrië. Jesaja was het daar niet mee eens. Jesaja bekeek de geopolitiek vanuit een religieus standpunt. Hij had al vaak tegen Achaz gezegd: “Als je geen vertrouwen hebt in de Heer, houd je geen stand.” Zowel politiek als religieus stonden Jesaja en Achaz diametraal tegenover elkaar. Met zijn voorstel om een teken aan God te vragen deed Jesaja een laatste poging om Achaz van mening te doen veranderen. De sluwe Achaz antwoordde dat hij God niet op de proef wilde stellen. Achaz deed zijn zin en werd vazal van Assyrië. Jesaja zegt dan dat de Heer zelf een teken zal geven.

Jesaja 7,10-14

Lied 529: Hoort hoe God met mensen omgaat 7, 8, 9, 10

Matteüs 1,18-24

Lied 529: Hoort hoe God met mensen omgaat 11, 12, 13

Homilie

Maakte het teken van Jesaja indruk op Achaz? Waarschijnlijk niet. Het teken dat Jesaja aankondigt is niet spectaculair, het is zwak voor wie zoals Achaz in machtstermen denkt. Elke dag worden kinderen geboren. Achaz speelde op het geopolitieke schaakbord van het Midden-Oosten en probeerde zijn positie veilig te stellen. Het duurde nog wel even voor Immanuel ‘God is met ons’ soldaat kon zijn.

Het evangelie van Matteüs begint met een plechtige afstammingslijst van Jezus Christus, zoon van David, zoon van Abraham. Van Abraham tot Jozef telt Matteüs drie maal veertien generaties. Drie keer twee maal zeven drukt uit hoe bijzonder die laatstgeborene is. Opvallend is de vermelding van vier vrouwen: Tamar, Rachab, Ruth en Betsabe. Vier vrouwen afkomstig uit het buitenland. Door juist deze vrouwen op te nemen in de stamboom geeft Matteüs aan dat Jezus heil zal brengen aan alle volkeren.

Matteüs heeft het zwakke teken van Jesaja in zijn evangelie opgenomen om over Jezus te spreken. Hij vergeleek waarschijnlijk de Romeinse bezetter met het dreigende Assyrië. Toen hij zijn evangelie schreef had hij de verwoesting van de tempel meegemaakt. De brute macht bleef en blijft slachtoffers maken. Het zwakke teken van de zwangere jonge vrouw sprak hem aan. Wie zich verwondert over een weerloos pas geboren kind, durft hopen op de zon achter de donkere wolken, hij kan hoopvol en met vertrouwen in het leven staan. Matteüs wist ook al dat hij in de Bergrede zou schrijven: “Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde bezitten.” Zo willen wij uitkijken naar de geboorte op 25 december.

Tafelgebed 160

Communielied 218: Dat wij als wachters op de muren

Tot slot

In het begin van de viering baden we psalm 24. We luisteren nu naar een muzikale versie voor koor, orgel en orkest van deze psalm. Het is een compositie van Lili Boulanger uit 1916, ze was toen drieëntwintig en ze stierf twee jaar later. Het werk begint uitbundig als de Eeuwige en de aarde worden bezongen, als de mens die de berg van de HEER mag bestijgen wordt beschreven, klinkt het ingetogen. Als de koning door de poort rijdt worden alle registers weer open getrokken.

Zegen

Contactinformatie

©2005-2024 Filosofenfontein

✉️   info@filosofenfontein.be

Ondernemingsnummer: 0775.603.387

Bankgegevens:"FIFO Heverlee" 

KBC: BE11 7340 3906 5848

Volg ons op Sociale media

QR Code

Door je camera op deze code te houden krijg je het adres van deze website op je smartphone of tablet. Dan kan je de hele website bekijken.